De gedachte achter deze plek
Deze plek is in de loop der jaren ontstaan vanuit één eenvoudige vraag: wat hebben onze paarden nodig om zichzelf te kunnen zijn? Daarom draait het hier niet alleen om de inrichting van het landschap, maar ook om de manier waarop we met de paarden samenleven. We blijven kijken, luisteren en leren. De paarden, de natuur en de mensen, die hier leven vormen samen een geheel dat voortdurend verandert.
We geloven niet dat onze manier de enige manier is. Ook zijn we nooit uitgeleerd. Wel hopen we dat deze plek laat zien wat er mogelijk wordt, wanneer je begint met luisteren naar wat paarden werkelijk nodig hebben. Misschien brengt het je op nieuwe ideeën voor je eigen paarden of voor de manier waarop je naar natuur kijkt.
Onze leefomgeving
Waarom hebben we voor deze manier van paarden houden gekozen?
We wilden een leefomgeving creëren die zo goed mogelijk aansluit bij de natuurlijke behoeften van paarden. Daarom hebben we niet gekozen voor een vaste opzet of een vooraf bedacht concept, maar voor een landschap dat zich stap voor stap heeft ontwikkeld. Steeds opnieuw vroegen we ons af: wat hebben de paarden nodig? Zo is onze leefplek door de jaren heen organisch gegroeid en blijft zij zich nog altijd ontwikkelen.
Hoe hebben we het terrein ingericht?
De leefplek is niet in één keer aangelegd. In de loop der jaren hebben we steeds kleine, en soms ook grote, veranderingen aangebracht. We observeerden de paarden, keken wat goed werkte en pasten het landschap daarop aan. Zo zijn er heuvels gekomen, verschillende ondergronden, veel bomen en struiken en (half)verharde voerplaatsen. Alles is erop gericht dat de paarden zelf kunnen kiezen waar ze willen zijn en wat ze willen doen. Die keuzevrijheid vinden we misschien wel het belangrijkste onderdeel.
Waarom leven de paarden zowel in de paddock als in het bos?
De paddock en het bos vullen elkaar aan. In de zomer zoeken de paarden vaak de koelte en schaduw van het bos op. Op andere momenten kiezen ze juist voor de openheid van de paddock, de heuvels of de voerplaatsen. Door beide leefgebieden met elkaar te verbinden, kunnen ze zelf kiezen waar ze willen zijn.
Waarom hebben we kronkelende paden?
De slingerende paden zijn eigenlijk vanzelf ontstaan. We vonden dat ze beter bij het landschap pasten dan strakke, rechte lijnen. Door de bochten voelt de leefomgeving natuurlijker aan en ontstaan er overal verschillende plekjes. Dat maakt het voor de paarden afwisselend en nodigt uit om het landschap te blijven verkennen. Galopjes trekken doen ze over de lange paden, maar net zo goed over een hoge heuvel!
Waarom zoveel bomen en struiken?
Bomen en struiken bieden veel meer dan alleen schaduw. Ze zorgen voor beschutting tegen wind en regen, stimuleren natuurlijk zoekgedrag en vergroten de biodiversiteit. Daarnaast maken ze het landschap afwisselender, waardoor de paarden meer redenen hebben om te bewegen en op onderzoek uit te gaan.
Hoe gaan we om met de seizoenen?
Elk seizoen vraagt iets anders van de leefomgeving, van de paarden en van ons. In natte periodes zorgen (half)verharde paden en voerplaatsen voor een droge ondergrond. In warme zomers bieden bomen en het bos schaduw en verkoeling. We kijken steeds hoe we de omgeving kunnen aanpassen aan de wisselende omstandigheden. Delen van het terrein zijn flexibel inzetbaar bij extreme weersomstandigheden.
Hoe gaan we om met modder?
Ondanks dat we nauwelijks echte modder hebben (hooguit een laagje nat zand) hoort het bij een natuurlijk landschap, bepaalde seizoenen en is het gewoon niet altijd te voorkomen. We proberen er altijd voor te zorgen dat de paarden altijd kunnen kiezen voor een droge ondergrond. Daarom hebben we onder andere (half)verharde voerplaatsen, paden en heuvels aangelegd. Zo blijft het terrein ook in natte periodes prettig en gezond om op te leven.
Hoe beheren we de leefplek?
Wij zijn verantwoordelijk voor het dagelijkse beheer en onderhoud van het terrein, waaronder het verzorgen van de paarden, uitmesten, het onderhoud van de omheining, beplanting, de bodem, de veiligheid op het terrein en het monitoren van de fysieke en mentale gezondheid van de paarden. We houden toezicht op de voeding en indien nodig verstrekken we een aanvulling hierop. Ondanks dat dit intensief werk is en we dus veel om en nabij de paarden zijn, proberen we hun natuurlijke ritme en hun groep zo min mogelijk te verstoren.
 
Onze omgang met paarden
 
Waarom observeren we zoveel?
Onze paarden vertellen ons iedere dag iets. Niet met woorden, maar met hun gedrag. Daarom kijken we veel. Hierdoor leren we onze paarden echt kennen. Ieder paard heeft een eigen karakter, voorkeuren, behoeften en manier van communiceren. Door te kijken hoe ze bewegen, rusten, eten, met elkaar omgaan en reageren op veranderingen, leren we wat voor hen werkt en waar ze behoefte aan hebben. Waar dat mogelijk is, proberen we de paarden zelf keuzes te laten maken. En waar dat niet kan, helpt alles wat we hebben geobserveerd ons om beslissingen te nemen die zo goed mogelijk aansluiten bij wat een individueel paard nodig heeft.
Hoe bepalen we wat een paard nodig heeft?
Door goed te kijken. Ieder paard is anders en laat op haar eigen manier zien wat wel en niet werkt. We proberen niet vanuit vaste regels te handelen, maar steeds opnieuw af te stemmen op het individu.
Waarom respecteren we grenzen?
Grenzen vertellen iets. Ze laten zien waar een paard zich veilig voelt en waar nog spanning of onzekerheid zit. Door die signalen serieus te nemen, ontstaat er ruimte voor groei en vertrouwen. We proberen een paard daarom nooit ergens doorheen te duwen, maar zoeken samen naar een volgende stap die wel goed voelt.
Waarom mag een paard ook nee zeggen?
Een 'nee' is geen ongehoorzaamheid, maar waardevolle informatie. Het vertelt ons dat een paard ergens nog niet aan toe is, iets niet begrijpt of zich niet veilig voelt. Door te luisteren, leren we onze paarden beter kennen en kunnen we daarop aanpassen. Soms kom er dan uiteindelijk een 'ja', maar soms blijft het een 'nee' en dat is ook prima.
Waarom zoveel keuzevrijheid?
Paarden maken de hele dag keuzes: waar ze eten, rusten, bewegen of met wie ze samen zijn. Door die mogelijkheden te bieden, kunnen ze natuurlijk gedrag laten zien en zelf invloed uitoefenen op hun dagelijks leven. Wij geloven dat dit een van de belangrijkste onderdelen is van welzijn.
Waarom doen we zoveel vanaf de grond?
We kijken steeds naar wat ieder individueel paard nodig heeft, waar ze zelf behoefte aan heeft en wat lichamelijk verantwoord is. Daarom kiezen we meestal voor grondwerk, spel, targettraining en Academische Rijkunst vanaf de grond. We geven er zelf de voorkeur aan, omdat het gevoel van samenzijn zoveel sterker voelt. Voor ons geeft het ruimte voor vertrouwen, communicatie, lichaamsbewustzijn en om in ontspanning samen te werken. Rijden is voor ons geen doel op zich, maar kan een mogelijkheid zijn wanneer een paard daar zelf aan toe is, het lichamelijk verantwoord is en het past binnen wat ze nodig heeft. Het belangrijkste is niet wat we doen, maar dat we samen iets doen waar zowel paard als mens plezier aan beleven.
Onze kijk op natuur
Welke dieren leven hier?
Naast de paarden leven hier onder andere egels, salamanders, kikkers, hazen, reeën, eekhoorns, bunzingen, marters, vleermuizen. Vogels zoals boomklevers, bosuilen, spechten, buizerds, boerenzwaluwen, raven en talloze insecten. Ze bestuiven bloemen, verspreiden zaden, houden plagen in balans en vormen samen een gezond ecosysteem. Elk seizoen brengt weer andere bezoekers met zich mee. Sommige hebben een vaste verblijfplaats gevonden hier, sommige keren elk seizoen terug.
Waarom zoveel aandacht voor biodiversiteit?
De paarden leven niet los van hun omgeving. Een gezond landschap met veel verschillende planten en dieren draagt bij aan een veerkrachtig ecosysteem. Daarom kijken we niet alleen naar de behoeften van de paarden, maar ook naar alles wat om hen heen leeft. De biodiversiteit staat erg onder druk, zo proberen we ons steentje bij te dragen. We zien in de praktijk, dat naarmate de omgeving rijker en meer begroeid wordt, er meer diersoorten komen.
Waarom planten we zoveel verschillende soorten?
We kiezen zoveel mogelijk voor inheemse bomen en struiken, die van nature in deze streek voorkomen. Ze passen bij de bodem, het klimaat en vormen een belangrijke voedsel- en schuilplek voor insecten, vogels en andere dieren. Daarnaast zorgen verschillende soorten ervoor dat het landschap gevarieerder en sterker wordt.
Waarom vinden we dood hout belangrijk?
Oude bomen, afgevallen takken en bladeren vormen een belangrijk onderdeel van een gezond bos. Ze bieden voedsel, schuilplaatsen en nestgelegenheid voor talloze dieren en dragen bij aan een levende bodem. Dood hout lijkt misschien levenloos, maar het zit juist vol leven. Schimmels, insecten, vogels en kleine zoogdieren maken er gebruik van. Daarom laten we dood hout waar dat kan liggen of verwerken we het in takkenrillen. Zo krijgt het een nieuwe functie in het landschap.
Waarom laten jullie delen verwilderen?
Niet alles hoeft strak of netjes te zijn. Door sommige delen van het terrein met rust te laten, ontstaat ruimte voor inheemse planten, insecten, vogels en kleine zoogdieren, denk aan egeltjes bijvoorbeeld. Dat maakt het landschap rijker en veerkrachtiger en een thuis voor vele dieren.
Waarom niet alles beheersen?
Een landschap is voortdurend in beweging. We proberen niet alles naar onze hand te zetten, maar ruimte te laten voor natuurlijke processen. Dat vraagt soms om geduld en loslaten, maar juist daardoor ontstaat een leefomgeving die rijk, levendig en veerkrachtig is.
Waarom proberen we met de natuur mee te werken in plaats van ertegen?
Voor ons houdt de leefplek niet op bij de paarden. Bomen, planten, vogels, insecten, schimmels en alle andere dieren horen net zo goed bij deze plek. Alles hangt met elkaar samen en beïnvloedt elkaar. We geloven niet dat wij de natuur moeten sturen. Ze bestaat al miljoenen jaren en weet vaak heel goed haar eigen weg te vinden. Daarom kijken we eerst wat er gebeurt voordat we ingrijpen. Soms doen we bewust niets, soms helpen we een handje. We proberen zoveel mogelijk mét de natuur te werken, in plaats van ertegen.
De paddock
Zicht op de paddock met daarachter het bos, waar de paarden ook leven. In de paddock hebben we veel inheemse struiken en bomen aangeplant. Ook hebben we (half)verharde voerplaatsen en heuvels gemaakt, die zorgen voor meer beweging, uitzicht en een droge ondergrond tijdens natte seizoenen.
De schuilstallen
Voldoende drinkgelegenheid
Samen het bos in
Het bos
Het bos is een belangrijk onderdeel van hun leefomgeving. In de zomer zoeken de paarden er de schaduw en koelte op. Ze kunnen er struinen tussen de bomen, bladeren en struiken, terwijl de beschutting ook tijdens wind en regen een fijne plek biedt.